Plekken van Plezier

Bob Benschop

De speeltuinen van Voorne-Putten

Oostvoorne had in 1886 de primeur: eind april opende koffiehuishouder J. de Man achter zijn café aan het Dorpsplein een ‘prachtig aangelegden thee- en speeltuin’. Dat maakte het dorp weer een stukje aantrekkelijker als badplaats en paste naadloos in de tijdgeest van het einde van de negentiende eeuw waarin steeds meer aandacht was voor het ‘bewegingsspel voor kinderen’.



Tien jaar later bracht het raadslid Johannes de Snoo het thema in Brielle aan de orde. Hij wees er tijdens een raadsvergadering op dat de gemeente geen gelegenheid bezat waar de kinderen ongestoord en zonder gevaar konden spelen. Hoewel het initiatief van de 35-jarige gemeente-arts werd toegejuicht, uitte de Nieuwe Brielsche Courant in een redactioneel artikel zijn twijfels. Vergelijkbare gemeentelijke speeltuinen in bijvoorbeeld Amsterdam en Haarlem leidden een kwijnend bestaan en het was nog maar de vraag of de jeugd zich liet verleiden op een afgebakend terrein onder toezicht te gaan spelen. De Brielse wallen boden immers volop ruimte om ongestoord op avontuur te gaan.
Van gemeentelijke speeltuinen was op Voorne-Putten voorlopig dus geen sprake, maar dat weerhield ondernemers niet om particuliere speeltuinen op te zetten. Zo opende in Oostvoorne de koffiehuishouder Stans een speeltuin in de tuin achter zijn café aan de Hoflaan. Hier kwamen de kinderen massaal op af. Tijdens de Koninginnedag in 1908 onthaalde hij de 400 leerlingen van de lokale lagere school ‘in zijn fraaien tuin op melk, limonade en kwast [citroensap, water en suiker] en om verder in de tuin te spelen naar hartenlust. De schommels en wipplank deden uitstekend dienst en werd het jonge volkje verder bezig gehouden door te luisteren naar de welluidende tonen der gramophone welke in de rustieke muziektempel was geplaatst’.

Oostvoorne_Stans
Heenvliet_Zonnehoek

Hoogtijdagen

De aanleg van de Groene Kruisweg tussen 1932 en 1934 zorgde voor de opening van diverse nieuwe speeltuinen op het eiland. Vanaf dat moment passeerden immers talloze dagjesmensen vanuit Rotterdam per fiets en auto richting de stranden en het loonde de moeite die te verleiden een tussenstop te maken. In april 1933 opende Zomerlust in Spijkenisse, waar ‘verschillende vermakelijkheden voor de jeugd’ aanwezig waren. Speeltuin Zonnehoek bij Heenvliet adverteerde vanaf de opening in mei 1934 met een eigen parkeerplaats en aanlokkelijke prieeltjes.
Veruit de bekendste speeltuin van de regio opende eveneens in mei 1934 de deuren: de Houten Paardjes aan de Rondeweiweg in Rockanje. Deze speeltuin groeide in de loop der jaren uit tot een geliefde plek van plezier, waar kinderen naar hartenlust konden spelen, terwijl de ouders in de lunchroom of op het terras verpoosden. Elk voorjaar opende de speeltuin met muziek van muziekvereniging Ons Genoegen of van ‘Dansorkest Huib en Floor’. De Houten Paardjes vormde ook jarenlang het startpunt voor talloze excursies die de afdeling Voorne van de Nederlandse Natuurhistorische Vereniging organiseerde. De natuurliefhebbers ontdekten de unieke natuur die de Voornse Duinen te bieden hadden en sloten hun rondleiding af met een hapje en drankje. De vele schoolklassen combineerden het bezoek aan de speeltuin eveneens vaak met een wandeling door het natuurgebied en een kijkje op het strand. Hele generaties zijn opgegroeid met de glijbanen en schommels tot De Houten Paardjes in 2002 als speeltuin stopte. Het was daarmee de oudste en laatste particuliere speeltuin in de regio die de deuren sloot.

Bob Benschop

Bob Benschop

Bob Benschop is sinds 2003 als archivaris en historicus werkzaam bij het Streekarchief Voorne-Putten. Hij verricht veel archiefonderzoek naar tal van onderwerpen uit de regionale geschiedenis, en heeft een bijzondere belangstelling voor de (maritieme) historie van Hellevoetsluis. Hij geeft lezingen en schrijft regelmatig artikelen en andere publicaties.

Bekijk alle bloggers